78 lines
3.3 KiB
Markdown
78 lines
3.3 KiB
Markdown
# Deployment Setup Questions
|
|
|
|
Context: tijdens NFR Design is al besloten dat de site gebouwd wordt met hash-based routing zodat het werkt op een traditionele FTP/statische webhost zonder server-side rewrite-regels (zie `src/router.tsx`). De build levert een statische bundel op in `dist/` (HTML/JS/CSS/fonts).
|
|
|
|
Beantwoord elke vraag door de letter van je keuze na de `[Answer]:` tag in te vullen.
|
|
|
|
## Question 1: Include Deployment Setup?
|
|
Wil je dat deployment voor deze feature wordt opgezet als onderdeel van deze workflow?
|
|
|
|
A) Ja — help me met het opzetten van deployment
|
|
B) Nee — deployment wordt elders geregeld of is niet nodig voor deze feature
|
|
C) Niet zeker — stel een aanpak voor op basis van het project en ik beslis dan
|
|
X) Anders (beschrijf na de [Answer]: tag hieronder)
|
|
|
|
[Answer]:
|
|
|
|
## Question 2: Deployment Method
|
|
Hoe moet deze feature gedeployed worden?
|
|
|
|
A) CI/CD pipeline (bijv. GitHub Actions, GitLab CI, Azure DevOps, Jenkins)
|
|
B) Cloud platform deployment (bijv. AWS, Azure, GCP — managed service of Infrastructure as Code)
|
|
C) On-premises / zelf gehoste server
|
|
D) Handmatig / lokale deployment (bijv. build een artefact en upload het via FTP/SFTP naar een webhost)
|
|
E) Anders (beschrijf na de [Answer]: tag hieronder)
|
|
|
|
[Answer]:
|
|
|
|
## Question 3: Omgevingen
|
|
Voor welke omgeving(en) moeten deployment-instructies gemaakt worden?
|
|
|
|
A) Alleen productie (single environment)
|
|
B) Staging en productie
|
|
C) Development, staging en productie
|
|
D) Anders (beschrijf na de [Answer]: tag hieronder)
|
|
|
|
[Answer]:
|
|
|
|
## Question 4: Automatiseringsniveau
|
|
Welk automatiseringsniveau wil je?
|
|
|
|
A) Volledig geautomatiseerde pipeline die draait bij elke push/merge naar master
|
|
B) Gedeeltelijk geautomatiseerd (bijv. build lokaal, upload automatisch via een script)
|
|
C) Volledig handmatige, gedocumenteerde stappen (bijv. build lokaal, zelf uploaden via FTP-client)
|
|
D) Anders (beschrijf na de [Answer]: tag hieronder)
|
|
|
|
[Answer]:
|
|
|
|
## Question 5: Rollback-strategie
|
|
Hoe moet een mislukte deployment teruggedraaid kunnen worden?
|
|
|
|
A) Vorige `dist/`-build opnieuw uploaden (bewaar altijd de laatste werkende build als backup)
|
|
B) Versiebeheer via tags/releases in git, opnieuw builden vanaf een eerdere tag
|
|
C) Geen expliciete rollback nodig (statische site, snel opnieuw te builden en uploaden)
|
|
D) Anders (beschrijf na de [Answer]: tag hieronder)
|
|
|
|
[Answer]:
|
|
|
|
## Question 6: Doelhost en overdrachtsmethode (alleen relevant bij handmatige/lokale deployment)
|
|
Welke webhost/host wordt gebruikt en hoe komt het build-artefact daar terecht?
|
|
|
|
A) Traditionele hostingprovider via FTP
|
|
B) Traditionele hostingprovider via SFTP
|
|
C) Upload via het controlepaneel van de hostingprovider (bijv. cPanel file manager)
|
|
D) Nog niet bekend — stel een generieke FTP/SFTP-aanpak voor die ik later kan invullen
|
|
E) Anders (beschrijf na de [Answer]: tag hieronder)
|
|
|
|
[Answer]:
|
|
|
|
## Question 7: Opslag van inloggegevens (alleen relevant bij handmatige/lokale deployment)
|
|
Waar worden de inloggegevens voor de FTP/SFTP-overdracht bewaard? (Nooit credentials hardcoden in gegenereerde instructies.)
|
|
|
|
A) In een lokale password manager / FTP-client configuratie (bijv. FileZilla site manager), niet in de repo
|
|
B) In environment variables op de machine die deployed (bijv. voor een toekomstig deploy-script)
|
|
C) Nog niet bepaald — vermeld dit als open actiepunt in de instructies
|
|
D) Anders (beschrijf na de [Answer]: tag hieronder)
|
|
|
|
[Answer]:
|